De voormalige Van Houtenschool aan de Oliemuldersweg in de Oosterparkwijk uit 1932 van Siebe Jan Bouma. Inmiddels is het een wijkcentrum. Credit: Ronald Zijlstra Fotografie.
Maak onderwijsgebouwen duurzaam in tijd
Tekst: Peter Bekkering
De gemeente Groningen streeft naar markante schoolgebouwen, die ankerpunten in de wijk zijn en duurzaam in tijd. Om mede dat proces in goede banen te leiden, is Jop Voorn sinds september 2024 adviseur Scholenbouw bij de gemeente. Hij vertelt in een gesprek met gasthoofdredacteur Suzanne Ellis over de lessen die de rest van Nederland van de ervaringen van Groningen kan leren.
Jop Voorn studeerde Architectuur aan de TU Delft, waar hij student-assistent was van de legendarische Herman Hertzberger. Na zijn afstuderen in 1999 ging hij aan de slag bij het bureau van Hertzberger, AHH architecten. Daar werkte hij vanaf 2003 mee aan de realisatie van een aantal scholen in Arnhem, Appingedam en Amersfoort. “Sindsdien heb ik me bijna alleen nog maar met scholen beziggehouden.” In 2014 vertrok hij naar Keulen waar hij vijf jaar werkte voor V-Architekten. In 2019 maakte Voorn de overstap naar SVP Architectuur en Stedenbouw.
Gevormd door Hertzberger
In zijn visie op scholenbouw is Voorn gevormd door Hertzberger. “Zijn eerste uitspraak was: alle vierkante meters voor het onderwijs. Scholen krijgen altijd te weinig vierkante meters. Het aantal is namelijk gebaseerd op het aantal leerlingen en houdt geen rekening met zaken als bergingen en garderobes. Hertzberger zei altijd: als je alle vierkante meters voor het onderwijs goed wilt maken, moet je geen jassen zien. Dat uitgangspunt hanteer ik nu nog steeds. Daarnaast vind ik dat leerlingen met plezier de ruimte buiten het lokaal in moeten gaan.”
“Een andere les van Hertzberger is dat leerlingen zoveel mogelijk zicht op elkaar moeten hebben, omdat dit het jongere kind inspireert om van het oudere kind te leren. Verder moeten ruimtes eenvoudig kunnen verkleuren en een andere rol aannemen, want dan maak je optimaal en zo lang mogelijk gebruik van de vierkante meters en hoef je minder te slopen. Daarmee doe je aan ‘eenvoudige duurzaamheid’.”
School wordt weer meer de school
Toen Voorn in 2003 startte met scholenbouw, werden er vooral multifunctionele accommodaties en -centra gebouwd. “Stofzuigergebouwen, grote klonten in het dorp of de wijk die alles opslurpen en waarin alles werd ondergebracht. Inmiddels komen we daarvan terug, omdat alle beheer en verantwoordelijkheden onder één dak complex blijkt, het in de praktijk vaak niet werkte en er veel tijd verloren gaat aan onderling afstemmen. Nu worden er veel Integrale Kind Centra of Kind Centra met opvang en school gebouwd en worden buurtcentra vaak weer in een apart gebouw ondergebracht. De school wordt weer meer de school.”
Voorn ziet ook een omslag in schaalgrootte. “Destijds maakten we soms gebouwen met meerdere basisscholen van wel 11.000 vierkante meter. Dat kan voor kleine kinderen best overweldigend zijn.” Een ander aandachtspunt zijn voor Voorn de installaties. “Die worden nog steeds groter en ingewikkelder, onder andere vanwege de eisen vanuit Frisse Scholen, en lijken soms meer een harnas dan een kwaliteit. Daarom vind ik low tech interessant.”
Schoolvoorbeeld
De positie van de school in de wijk is ook een belangrijk thema voor Voorn. “Het is belangrijk om de gebouwen te verankeren en ze zo te maken dat ze lang blijven staan.” Het brengt hem bij ‘Schoolvoorbeeld: Aanbevelingen voor scholenbouw in Groningen’, een initiatief en manifest van de gemeente Groningen, ontwikkeld in samenwerking met architectenbureaus De Zwarte Hond en KAW.
In het boek, dat op 20 juni 2025 werd gepresenteerd, wordt samen met architecten, stedenbouwers, beleidsmakers, schoolbesturen, leerkrachten en leerlingen onderzocht hoe de gemeente Groningen de beste schoolgebouwen op de beste plek kan maken. Het boek bevat 35 aanbevelingen op de schaal van het gebouw, de wijk en de stad. Ook werd vijf architectenbureaus, waaronder SVP, gevraagd om een locatiestudie te doen. Het boek bevat daarnaast een overzicht van de rijke geschiedenis van Groningen op het gebied van scholenbouw met aandacht voor de grote drie: Jan Anthony Mulock Houwer, Siepe Jan Bouma en Jaap Wilhelm.
Adviseur Scholenbouw
De architectenbureaus werden begeleid door Martine Drijfholt, architect en in die periode adviseur Scholenbouw bij de gemeente Groningen. Nadat zij in september 2024 hoofd Ontwerp werd, nam Voorn haar taak over. “In Groningen zijn momenteel meerdere wijken rondom de stad in ontwikkeling: Meerstad, De Suiker, De Nieuwe Held en Stadshavens. Ik kijk daar in het beginstadium mee naar de locaties voor primair onderwijs en voortgezet onderwijs. Ik bereid architectenselecties mee voor. Ik kijk of de architecten de nodige informatie krijgen om een goed plan te maken. Ook kijk ik tot en met het DO mee naar de plannen van andere architecten voor scholen in Groningen.”
Bij de locaties voor de basisscholen kijkt Voorn ook naar de betekenis van het gebouw voor de wijk. “Groningen kiest ervoor om niet te veel functies te combineren in één gebouw, maar ze te spreiden over de wijk zodat je de openbare ruimte belangrijker maakt, en leven op straat krijgt. Dat sluit aan bij twee van de aanbevelingen uit Schoolvoorbeeld: alle schoolpleinen in Groningen moeten openbaar worden en maak een wijknetwerk van gebouwen.”

De Meeroevers in Meerstad, ontworpen door ZOETMULDER en Open Muur Architecten. Credit: ZOETMULDER/Open Muur Architecten.

Ontwerp van de Suikerschool door NL Architects. Er is een groot plein voor de bovenbouw in de openbare ruimte en in het hybride open bouwblok een plein voor de onderbouw. Daarnaast zijn er aparte gebouwen voor de basisschool en de kinderopvang en is er een aparte opgetilde gymzaal met een fietsenstalling eronder. De ventilatietoren is een opvallende eyecatcher. Credit: NL Architects.
‘Als je alle vierkante meters voor het onderwijs goed wilt maken, moet je geen jassen zien’

Herwaardering van de schoonheid van de architectuur duurt ongeveer 60 jaar. Schoolvoorbeeld roept op om ervoor te zorgen dat scholen die termijn kunnen halen. Credit: Schoolvoorbeeld.
- Het boek Schoolvoorbeeld is te bestellen via platform GRAS: https://www.platformgras.nl/shop/schoolvoorbeeld
- Mailen voor meer info kan naar info@schoolvoorbeeldgroningen.nl
- Meer info over het project: https://gemeente.groningen.nl/schoolvoorbeeld
De belangrijkste aanbevelingen uit Schoolvoorbeeld
In Schoolvoorbeeld staan 35 aanbevelingen. Voorn kiest degenen die hem het meest aanspreken:
- Houdt scholen kleinschalig.
- Maak unieke gebouwen.
- Geef een school een eigen gebouw.
- Creëer overmaat.
- Maak herkenbare schoolgebouwen.
- Maak openbare schoolpleinen van formaat.
- Ongelijk investeren is maatwerk.
- Maak een wijknetwerk van gebouwen.
- Zet de school op een prominente plek.
- Ontwerp installatiearm.
School als ankerpunt
Een van de andere aanbevelingen die Voorn erg aanspreekt is: zet het schoolgebouw op een prominente plek in de wijk en maak er een ankerpunt van, dat betekenis heeft voor mensen in wijk. “Dat is de les van de schoolgebouwen van Bouma. Dat zijn gebouwen in uit de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw die er bijna allemaal nog staan en waar iedereen verliefd op is. In die traditie wil Groningen gebouwen die er honderd jaar staan en die niet na veertig jaar weer plaats moeten maken.”
Het blijft niet bij woorden. “De gemeente Groningen stelt geld voor kwaliteit beschikbaar en durft zijn nek uit te steken. Bovendien wordt er ongelijk geïnvesteerd: in wijken waar het niet goed gaat, investeert de gemeente bij basisscholen extra, bijvoorbeeld in bouwhoogte en in meer vierkante meters per leerling. De gedachte erachter is dat kwetsbare leerlingen meer moeite hebben om zich te concentreren en thuis minder ruimte hebben. Dus maakt de school lokalen met kleinere groepen en daardoor meer ruimte per leerling. Soms wordt ook de buitenschoolse opvang in die meters verwerkt. Een andere optie, in De Suiker, is een extra ruimte voor de buitenschoolse opvang toegevoegd aan de gymzaal, die de school overdag en de wijk in de avond kan gebruiken. Je ziet ook dat er bij nieuwe locaties bewust wordt gekeken om scholen in de buurt van een sporthal neer te zetten vanwege dat dubbelgebruik.”
Daarmee handelt Groningen conform de principes van De Rechtvaardige Stad, een stad waarin iedereen gelijke kansen, toegang en rechten heeft op goed onderwijs en een goed schoolgebouw ongeacht afkomst of inkomen.
Suikerschool
Een ontwerp dat Voorn stedenbouwkundig erg aanspreekt is dat van de Suikerschool van NL Architects en CHRITH Architects in de wijk De Suikerzijde. “Ze hebben een groot plein voor de bovenbouw in de openbare ruimte en in het hybride open bouwblok een plein voor de onderbouw. Daarnaast zijn er aparte gebouwen voor de basisschool en de kinderopvang en is er een aparte opgetilde gymzaal met een fietsenstalling eronder. Dat maakt het voor beheer van de gebouwen een stuk eenvoudiger. De Suikerschool staat bovendien op een markante plek in de wijk. Het is een ankerpunt en heeft met de ventilatietoren een opvallende eyecatcher.”
Die herkenbaarheid ziet Voorn ook terug bij de Meeroevers in Meerstad, ontworpen door ZOETMULDER en Open Muur Architecten. “Ik ben ervan overtuigd dat dat ertoe bijdraagt dat het gebouw langer blijft staan.”
Herwaardering
Voorn haalt een grafiek aan uit Schoolvoorbeeld, de herwaardering van de schoonheid van de architectuur. “Die herwaardering duurt ongeveer zestig jaar. De gemeente Groningen heeft daarom gezegd: in de stad geven we onderwijsgebouwen een levensverlenging voor tenminste veertig jaar en bij nieuwbouw willen we scholen die langer staan.”
De gemeente Groningen is minder geïnteresseerd in constructies zoals het Innovatiepartnerschap Schoolgebouwen, waarbij modulair, circulair en meer gestandaardiseerd een serie scholen wordt gebouwd met als doel grip op bouwsnelheid en geld besparen om zo meer kwaliteit toe te voegen. “Groningen wil liever unieke gebouwen met betekenis voor de wijk die honderd jaar blijven staan.
Tegelijkertijd willen ze wel een gebouw dat kan mee veranderen en niet te specifiek voor het PvE van een directeur is gemaakt. Er moet daarom een algemeen PvE onderliggen en er moet een goed skelet worden gemaakt. Onderwijsvisies en manieren van lesgeven veranderen in Nederland snel, we zijn een ongeduldig volkje. We willen altijd nieuw en het oude ruimen we op. Groningen doet dat bewust niet en kiest voor duurzaamheid in tijd. Daarbij is een belangrijk uitgangspunt dat er grote lokalen van 60 vierkante meter worden gemaakt. Het idee is dat die in de toekomst weer zijn op te delen of samen te voegen. Het sluit ook aan op de eerdergenoemde visie van Hertzberger: maak ruimtes die eenvoudig kunnen verkleuren.”
Iedereen gaat naar school
Aan het eind van het interview vertelt Voorn waarom scholenbouw hem nog altijd fascineert: “Het leuke van scholenbouw is: iedereen gaat naar school. Daarmee is de school een vorm van verbinding. Het creëert nieuwe verbindingen en het houdt bij elkaar. Het maakt het ook een mooie uitdaging voor alle partijen die ermee bezig zijn: als je het goed doet, kun je er veel mee bereiken. Zelf vind ik het een mooie opgave om een gebouw te ontwerpen, waar iedereen later zijn herinnering aan heeft.”
Het brengt Voorn nog eenmaal terug bij zijn leermeester, Herman Hertzberger. “Een van de scholen die hij heeft ontworpen is het Montessori College Oost, een vmbo-school in Amsterdam. Toen leerlingen daar voor het eerst binnenkwamen, zeiden ze: is dit voor ons? Als je dat als architect met een schoolgebouw voor elkaar kunt krijgen, is dat het mooiste dat je kunt bereiken.”
‘Toen leerlingen daar voor het eerst binnenkwamen, zeiden ze: is dit voor ons?’